“Iets om mijn huid mee te scrubben” is een vraag die bij elke drogist dagelijks wordt gesteld. Het antwoord dat de klant meekrijgt, is bijna altijd een potje met korrels. Dat is jammer, want de meeste mensen die willen exfoliëren, zoeken eigenlijk iets anders: een gladdere huid zonder dode cellen, minder verstopte poriën, een egalere teint. Daar zijn korrels een omslachtige en vaak schadelijke route naartoe.

Wat er precies moet gebeuren
De huid vernieuwt zichzelf voortdurend. Onderin worden nieuwe cellen gemaakt, die naar boven schuiven, afsterven en uiteindelijk loslaten. Bij een jonge, gezonde huid gaat dat vanzelf. Met de jaren, bij droogte of bij een huid die snel verstopt raakt, blijven dode cellen langer zitten dan nodig. Het resultaat is een dof oppervlak, een ruwe structuur en poriën waar de afvoer stokt.
Exfoliëren is niets anders dan dat afvoerproces een handje helpen. De vraag is alleen hoe. Je kunt de dode cellen eraf wrijven, of je kunt de lijm losmaken die ze vasthoudt. Het eerste doet een scrub, het tweede doet een zuur.
Waarom wrijven vaak averechts werkt
Een scrub werkt op kracht. De korrels schuren over het oppervlak en nemen mee wat los zit, maar ook wat nog niet los had moeten zitten. Bij een gevoelige huid geeft dat micro-beschadigingen en roodheid, bij een onrustige huid kun je een ontsteking openhalen en verspreiden. En op de plek waar het probleem echt zit, in de porie zelf, komt een korrel nooit.
Daar komt bij dat de meeste mensen te hard en te vaak scrubben, omdat het resultaat direct voelbaar is. De huid voelt glad, dus het werkte, dus morgen nog een keer. Na een paar weken is de barrière aangetast en wordt de huid juist droger, roder en onrustiger dan ervoor.
Wat een zuur anders doet
Een chemische exfoliant, wat een intimiderend woord is voor een mild zuur in lage concentratie, lost de verbindingen tussen dode huidcellen op. Die laten daardoor vanzelf los, gelijkmatig en zonder wrijving. Glycolzuur werkt aan de oppervlakte en is de klassieke keuze bij een normale tot droge huid die dof en ruw aanvoelt. Salicylzuur is vetoplosbaar en komt daardoor wel in de porie; dat maakt het de logische keuze bij een normale tot vette huid met verstoppingen en onzuiverheden.
Wie een exfoliant kopen wil, komt in de lijn van Jetske Ultee die twee sporen tegen: een variant op basis van glycolzuur voor de normale tot droge huid en een variant op salicylzuur voor de normale tot vette, onrustige of gevoelige huid, beide ook in een sterkere uitvoering met een extra werkzame stof erin. De verpakking zegt dus niet “voor iedereen”, maar dwingt tot de vraag welke huid je hebt. Dat is precies de vraag die bij het korrelpotje wordt overgeslagen.
Hoe je begint
Een zuur vraagt geduld en een lage frequentie in het begin. Twee keer per week is voor de meeste mensen een goed startpunt, op een schone huid, ’s avonds, met daarna een moisturizer. Voelt de huid strak of prikt het langer dan een paar seconden, dan is de frequentie te hoog, niet het product te zwak. Omdat een geëxfolieerde huid gevoeliger is voor zonlicht, hoort er overdag een zonnebrandcrème bij.
Het resultaat komt niet na één avond. Na twee tot drie weken is de huid meestal gladder en egaler, en pas dan is te beoordelen of de frequentie omhoog kan. Wie in die periode ook nog een scrub gebruikt, doet twee keer hetzelfde en overvraagt de huid.
Gezichtsverzorgings producten die op deze manier zijn opgebouwd, met een keuze per huidtype en werkzame stoffen in concentraties die iets doen, staan bij Dr. Jetske Ultee op één plek bij elkaar. Voor wie de korrels wil laten staan, is dat een goede plek om te beginnen met kijken.
